| Afstelling van de stoel: |
| · |
Zorg ervoor dat je zit met een rechte rug waarbij je
hoofd boven de heupen staat en de onderrug gesteund wordt door een in
hoogte verstelbare rugleuning. Probeer een rugkussen wanneer de steun
onvoldoende is. |
| · |
De stoel moet in hoogte verstelbaar zijn, zodat de knieën een hoek van 90 graden kunnen maken. |
| · |
De voeten moeten gemakkelijk op de vloer kunnen rusten. Gebruik zo nodig een voetensteun of voetenbankje. |
| · |
De zitting aan de voorkant van de stoel loopt tot aan
de knieholte en aan de achterzijde is de zitting iets hoger (10-20
graden). Waardoor het bekken iets naar achteren kantelt en je, je rug
makkelijker rechtop kan houden. |
| · |
De heupen maken een hoek van circa 100 tot 110 graden met het bovenlichaam. |
| · |
Stel de armleuningen zo af dat je, je ellebogen niet
hoeft op te trekken om je onderarmen op de leuningen te kunnen laten
rusten. De armleuningen moeten niet te ver van het lichaam af zitten.
Verwijder de armleuningen als ze in de weg zitten en niet kunnen worden
afgesteld. |
| · |
Een stoel die kan draaien en zwenkwieltjes heeft geeft meer mogelijkheid tot bewegen. |
| * |
|
| Afstelling van de monitor: |
| · |
Het beeldscherm moet ongeveer op ooghoogte staan en
recht voor de persoon, zodat niet de nek hoeft worden gedraaid om naar
het beeldscherm te kijken. De kijkafstand is voor de meeste
mensen gelijk aan een armlengte. Leg eventueel telefoonboeken onder de
monitor om hem op goede hoogte te krijgen. |
| · |
Voorkom schittering en reflectie op het beeldscherm. |
| · |
Let erop dat het hoofd niet steeds naar voren
geschoven moet worden om goed het beeldscherm te kunnen lezen. Het is
verstandig voor mensen die vanwege hun zichtscherpte het hoofd naar
voren kantelen een bril aan te schaffen waarmee ze het beeldscherm wel
kunnen lezen. |
| * |
|
| Afstelling van de werktafel: |
| · |
Het bureau moet ongeveer op navelhoogte zijn, waarbij
de armen een klein beetje naar voren wijzen ten opzichte van het
bovenlichaam zonder dat de schouders naar beneden worden gehouden. |
| · |
De hoogte van het bureau moet zo zijn dat de polsen
niet naar beneden hangen, bij een te laag bureau. Of de schouders
worden opgetrokken bij een te hoog bureau. |
| · |
De werkruimte op het bureau moet niet te vol staan en
groot genoeg zijn om alle benodigdheden voor het werk erop te kunnen
zetten. |
| · |
Onder het bureau is het van belang om voldoende beenruimte te hebben. |
| * |
|
| Werken met een toetsenbord: |
| · |
Het
toetsenbord is juist geplaatst wanneer tijdens het typen de bovenarmen
recht naar beneden wijzen en de onderarmen een hoek van 90-100 graden
ten opzicht van de bovenarmen maken. |
| · |
Het toetsenbord moet niet te zwaar moet typen, want dit verhoogd de spanning van de spieren. |
| · |
De polsen moeten zoveel mogelijk in een neutrale stand worden gehouden, niet afhangen of naar binnen en buiten gedraaid worden. |
| · |
Bij het typen moet de hele arm van links naar rechts
meegenomen worden. De pols moet niet alleen zijwaarts gebogen worden,
want dan wordt het polsgewricht verkeerd belast. |
| · |
Het is een veel gemaakte fout om tijdens het typen de
polsen te laten rusten op het bureauoppervlak, het toetsenbord, of een
polssteun. Op deze manier buigen de polsen achterover en moeten de
handen opzij draaien voor het typen. Daarnaast moeten de vingers vaak
gestrekt worden om verliggende toetsen te kunnen bereiken. De spanning
in de nek, schouders, onderarmen en vingers neemt daardoor onnodig toe. |
| · |
De typbeweging wordt bij vloeiend typen verdeeld over
de hele armen en schouders op de manier zoals een ontspannen pianist
speelt. |
| * |
|
| Muizen: |
| De muis blijkt een ondergeschoven kindje
te zijn, terwijl het muizen 30 tot 70% van de pc-werktijd wordt
gebruikt. De muis wordt vaak ergens naast het toestenbord geplaatst,
waarbij je ver moet reiken om hem te gebruiken. Bij het werken met de
muis wordt er precies en nauwkeurig bewogen. Daarnaast wordt vaak de
wijsvinger op de muis gehouden in afwachting van de volgende
actie. Hierdoor ontstaat verhoogde spierspanning die kan leiden
tot het verkrijgen van klachten. |
| · |
Zorg ervoor dat je de muis zo dicht mogelijk tegen je
aan kan gebruiken. Eventueel schuif je, je toetsenbord even opzij,
zodat je recht voor je kunt muizen. |
| · |
Plaats de muis zo dat de arm en de hand die de muis vasthoudt precies langs je lichaam beweegt. Vermijd het reiken naar de muis. |
| · |
Stel de muis niet te gevoelig in, want een grote gevoeligheid vraagt meer precisie en bevordert kramp in de spieren. |
| · |
Wees er bewust van dat als je de muis niet gebruikt je hand er niet op blijft liggen. |
| * |
|
| Werken met een laptop: |
| Laptops worden steeds vaker gebruikt; ze
zijn handig verplaatsbaar en compact. Meteen blijkt dat het moeilijk is
om er gezond mee te werken. De kijkafstand en de kijkhoogte zijn
bepaald doordat het toestenbord aan het beeldscherm zit en het
beeldscherm is meestal kleiner. Ergonomisch instelbaar is een laptop
niet, tenzij: |
| · |
De laptop op een externe monitor, toetsenbord en muis wordt aangesloten op kantoor en thuis. |
| · |
Ook bestaan er speciale laptop standaards, waardoor
het beeldscherm op goede hoogte kan worden gebruikt en je een los
toetsenbord aansluit. |
| * |
|
| Gelijktijdig typen en telefoneren: |
| Werken met licht opgetrokken schouders
wordt bevorderd wanneer tijdens het typen ook wordt getelefoneerd. De
telefoonhoorn wordt dan tussen de schouder en het oor geklemd. De
spieren kunnen zich niet ontspannen en dat verhindert het herstel. |
| · |
Gebruik een koptelefoon als je tegelijkertijd de computer gebruikt en telefoneert. |
|
Terug naar " Ergonomie" «
» Door naar "Werk en werkomstandigheden"
|